Familieverhalen bewaren in recepten
Een recept is ook een klein familiearchief
In mijn receptenboek staat bij een pompoensoep niet alleen de lijst met ingrediënten. Ernaast staat: «geleerd van tante Ria, zondagmiddag, 2018». Dat ene zinnetje is voor mij bijna even belangrijk als de hoeveelheid bouillon.
De naam naast het recept Oude recepten veranderen onderweg. Iemand gebruikt minder zout, een ander voegt selderij toe, en soms wordt een ingewikkelde bereiding eenvoudiger gemaakt omdat er weinig tijd is. Toch probeer ik steeds op te schrijven wie mij iets heeft geleerd. Niet als formele bronvermelding, maar uit beleefdheid en dankbaarheid.
Wat later nog zichtbaar blijft Mijn tante zegt soms dat haar manier van koken niets bijzonders is. Juist daarom wil ik haar woorden bewaren. In een schrift blijven niet alleen gerechten staan, maar ook kleine aanwijzingen: welke markt zij bezocht, welke pan goed werkte en bij welke gelegenheid het eten werd gemaakt.
Ik schrijf tegenwoordig de datum, de naam van de verteller en eventuele wijzigingen erbij. Over twintig jaar weet ik dan misschien nog welke versie van het recept van wie kwam. Een keuken kan tenslotte ook een archief zijn, alleen ruikt het daar meestal aangenamer.